donderdag 18 september 2014

De Clumber Spaniel

De Clumber Spaniel behoort tot de rasgroep Retrievers en Waterhonden. Volgens zijn bewonderaars is hij de aristocraat onder de jachthonden en wat verschijning en karakter betreft lijkt hij op geen van de andere Spanielrassen. Zijn aard is waardig,vrolijk en gehoorzaam. Ze mogen graag zo nu en dan de clown uithangen. De Clumber kan gemiddeld 12 jaar oud worden. De grootte van de hond ligt tussen de 45 en 50 centimeter. De reuen zijn meestal iets groter dan de teven, zoals bij meer rassen. Het gewicht ligt tussen de 30 en 40 kilo.

De Clumber Spaniel is een zeer geschikte familiehond en houdt van gezelligheid. De omgang met andere mensen, kinderen en honden is zeer goed. De Clumber is in huis rustig. Mensen denken vaak dat het een slome hond is maar dit is absoluut niet waar. Zodra hij buitenkomt is hij actief en wil hij lekker wandelen en ravotten . Deze beweging heeft hij ook nodig anders wordt ook hij net als andere hondenrassen een lui en vervelend beest. De Clumber kun je prima overal mee naar toe nemen. Op vakantie gaan vinden de meeste Clumbers leuk, autorijden vinden ze geen probleem. Clumbers zijn niet snel van hun stuk te brengen. Ze zijn rustig ook in een vreemde omgeving.

Maar zoals bij ieder ras geldt ook hier, we hebben te maken met een hond en iedere hond dient te worden opgevoed. Ondanks zijn geweldige rasbeschrijving is hij zeker geen hond voor iedereen. Ook een Clumberpup is, ondanks zijn lieve onschuldige uitstraling gewoon een jonge hond met alle jonge hondenstreken, zoals ieder ras dat heeft. Je moet het ras willen leren kennen, eerst dan krijg je wat je graag wilt hebben, een geweldige, boeiende en fijne hond.



Een stukje geschiedenis.


We weten het niet precies, maar de geruchten gaan dat het van oorsprong een Frans ras is. De populaire legende is, dat het voortgekomen is uit een thans uitgestorven Spanielsoort uit de Alpen en een Basset. Ontstaan op het landgoed van de hertog van Noailles, waar zij werden gebruikt in de meutes, of als apporteurs. Toen de Franse revolutie begon vreesde de hertog voor het voortbestaan van deze prachtige dieren, die al zolang in het bezit van zijn familie waren. Hij scheepte zijn hele kennel in naar Engeland en bracht ze naar zijn vriend de hertog van Newcastle, waar zij werden gehuisvest op het landgoed “Clumberpark”, vandaar de naam “Clumber Spaniel”. De Clumbers bleven vele jaren een goed bewaard en gewaardeerd bezit van de hertog. Later werden enkele exemplaren aan andere adellijke lieden ten geschenke gegeven. Zelfs de Koning kreeg belangstelling voor deze opvallende jachthonden. Koning George V richtte een kennel met Clumbers op te Sandringham met de kennelnaam “Sandringham”. In de laatste wereldoorlog gingen Clumbers, zoals zovele rassen, in getal hard achteruit en hun bestaan werd bedreigd. Een aantal toegewijde fokkers heeft ze kunnen aanhouden en geëxporteerd over de hele wereld. De Clumbers hebben weer hun rechtmatige plaats in de wereld ingenomen.

De Clumber is evenwichtig en zwaar gebouwd,heeft zware botten,is actief en heeft een bedachtzame uitdrukking. Hij komt sterk en krachtig over. De Clumber heeft een stoïcijns karakter. De Clumber is ruim van hart. Hij is intelligent met een zelfverzekerde houding. Hij is een stille werker, dat wil zeggen, dat indien hij werkt, hij daarbij niet blaft. De Clumber heeft een goed reukvermogen. Hij is rustig en betrouwbaar, soms een beetje afstandelijk. De Clumber hoort geen enkele agressie te tonen.



De Clumber heeft een markant, vierkant, massief hoofd met een enigszins peinzende uitdrukking wat zijn uitstraling zo bijzonder maakt. Hij heeft zware wenkbrauwen en een diepe stop. De snuit is vierkant met een goed ontwikkelde kaakpartij. Het gebit moet scharend zijn. De oren hebben de vorm van een druivenblad en horen begroeid te zijn. De ogen behoren donker gekleurd te zijn, ze horen diep te liggen. De meeste Clumbers hebben een iets afhangend ooglid en tonen wat bindvlies, dit wordt niet als fout beschouwd. Het lichaam is zwaar en lang, laag bij de grond. De ribpartij vertoont goede welvingen, de rug is breed en lang. De lendenen dienen goed gespierd te zijn, overgaand in diepe flanken. De hals dient redelijk lang, stevig en krachtig te zijn. De schouders liggen schuin en zijn gespierd. De achterhand dient krachtig ontwikkeld te zijn. De Clumber heeft een rollend gangwerk. De voorbenen zijn kort en stevig, kniegewrichten zijn goed gehoekt en recht geplaatst. De voeten zijn groot, rond en behaard, passend bij het lichaam. De staartaanzet is laag en voorzien van bevedering en wordt gedragen in het verlengde van het lichaam. De Clumber heeft een lange zijdeachtige vacht, de benen en buik zijn goed bevederd. De kleur van de vacht is effen wit met citroenkleurige of oranje aftekening, liefst zo weinig mogelijk aftekening op het lichaam. Hij heeft spikkels rond de snuit en lichte aftekening op het hoofd.

Verzorging.


De Clumberspaniel heeft nogal wat onderhoud nodig, de zijdeachtige vacht moet regelmatig gekamd worden en ook een trimbeurt zo af en toe kan geen kwaad. Het zware aanliggende oor kan nog al eens problemen geven zeker als het niet regelmatig onderhouden wordt. Voor de ogen geldt hetzelfde, het afhangende ooglid geeft eerder oogirritaties. Het zware bone kan problemen geven tijdens de groei,hier moet zorg met beleid mee omgegaan worden.



Kortom niet zo maar een hond bent u ondanks dit alles nog steeds enthousiast over het ras, dan bent u misschien de ware Clumber liefhebber.

maandag 8 september 2014

De Duitse Pinscher


De Duitse pinscher heeft een korte en gladharige vacht.

De kleurslagen voor een Duitse Pinscher zijn zwart-rood (black and tan) en rood (reebruin).

De bouw is hamineus en krachtig waarbij de spiermassa goed is verdeeld.

De idiale bouw is vierkant. Dit houdt in dat hij / zij even lang als hoog is.

De Duitse Pinscher is een midden grote hond met een schoft hoogte tussen de 45 en 50 cm.

Sinds 1989 is er binnen Nederland een verbod op het couperen van oren.
Vanaf 30 september 2001 is er ook een verbod op het couperen van de staart. Dus de huidige
Duitse Pinscher die geboren zijn in Nederland hebben geen gecouperde oren en staart meer.

Toneelspelers

Door hun intelligentie weten ze de baas en andere mensen op een soms grappige wijze om hun pootje
te winden. Ze hebben een geheel eigen wil en dat zal de baas ook merken. Ondanks hun eigenwil zijn
ze erg op het gezin en baas gericht.


Waakhonden

Ze hebben een natuurlijke aanleg tot het beschermen en verdedigen van huis en haard.
Echte territoriumverdedigers. Pinschers zijn wantrouwig ten opzichte van vreemden en gaan niet direct
op ieder mens af. Ze houden de hele boel strak in de gaten!

Vrolijk en Blij

Ze zijn vrolijk en opgewekt van aard. Echte levendige honden. Ze willen graag overal bij zijn en
alles meebeleven.


Zonaanbidders

De Duitse Pinscher is gek op warmte, en wat is er dan lekkerder om ergens in huis in het straaltje
zon te gaan liggen...lekker warm!

De Duitse Pinscher is erg veelzijdig.

Ze worden gebruikt bij:

  • Behendigheid;
  • Gehoorzaamheid;
  • Flyball
  • Clickertraining;
  • Uithoudingssporten zoals fietsen. 
  • Afwisseling is belangrijk voor de Duitse Pinscher anders gaat hij zich vervelen en dan is de lol er snel af voor baas en hond. 

Het Karakter;

Temperament vol
Toneelspeler, gevoel voor humor
Waakhond
Vrolijk en blij
Zonaanbidder
Veelzijdig Huishond

Temperamentvol

Een Duitse Pinscher is een hond met temparament. Ze zijn levindig en komen zelfverzekerd over.
Zowel los als aan de lijn houden hun omgeving goed in de gaten.

Kynologie in België


Hieronder een kort overzicht van de hondensport organisatie in België


EEN STUKJE GESCHIEDENIS

België is zowat de pionier van de hondensport. In 1847 al organiseerden Belgische jagers de eerste kynologische tentoonstelling, gekoppeld aan een jachthondenwedstrijd. In 1880 waren het opnieuw Belgische jagers die, ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de Belgische onafhankelijkheid, de tweede Belgische hondententoonstelling - voor alle rassen - tot stand brachten. Het werd een succes (zowat duizend honden namen eraan deel) en meteen ook de aanzet tot de georganiseerde kynologie in België.

De jagers richtten een Kynologische Maatschappij op en gaven haar de naam van hun patroonheilige (Sint-Hubertus). De officiële oprichting vond plaats in 1882, onder voorzitterschap van Graaf de Beauffort, een der organisatoren van de show in 1880. De officiële benaming van de vereniging luidde (in het Frans uiteraard...) : "Société Saint-Hubert pour l'amélioration des Races Canines en Belgique" (Sint-Hubertusmaatschappij ter verbetering van de Hondenrassen in België). Het Hof bleek de jonge vereniging goed gezind, want al vanaf 26 september 1885 mocht ze het koninklijk predikaat aannemen; het werd dus "Société Royale Saint-Hubert" (S.R.S.H.).

Na de Tweede Wereldoorlog kreeg ze ook een Nederlandse benaming : "Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus" (K.M.S.H.).


L.O.S.H. - A.L.S.H. - R.I.S.H.

Een van de eerste initiatieven van de Maatschappij was het aanleggen van een Stamboek, naar het model van het Stud Book van de Londense Kennel Club. Het eerste deel verscheen al in 1883. Het Stamboek is geregeld blijven verschijnen, behalve tijdens de oorlog. In 1994 verscheen het 100ste deel. Het Stamboek (officieel Livre des Origines Saint-Hubert = L.O.S.H.) is het enige Belgische stamboek dat door de Fédération Cynologique Internationale (F.C.I.) wordt erkend. Het L.O.S.H. is een zgn. 'gesloten stamboek', d.i. een stamboek
waarin alleen de dieren opgenomen zijn waarvan de voorouders - bijvoorbeeld tot de derde generatie - bekend zijn.

De K.M.S.H. heeft ook een 'open stamboek', waarin honden kunnen worden opgenomen op grond van hun individuele raskenmerkende eigenschappen. Dit is het A.L.S.H. (= Annexe au Livre des Origines Saint-Hubert). Sinds 1993 is het A.L.S.H. in twee delen gesplitst: 1) het Initieel Register (R.I.S.H.) voor de honden van onbekende afstamming, ingeschreven op basis van hun uiterlijk voorkomen, 2) de Bijlage zelf (A.L.S.H.) voor de honden waarvan minstens de ouders (eerste generatie) bekend en geregistreerd zijn of die voor de een of andere reden nog niet ingeschreven mogen worden in het L.O.S.H.

In België kan gelijk welke hond aan een tentoonstelling deelnemen, zelfs al heeft hij geen erkende stamboom. Als het dier twee keer de kwalificatie "zeer goed" of "uitmuntend" behaalt in de Open klas (op de leeftijd van minstens vijftien maanden) en onder twee verschillende keurmeesters, zal hij worden voorgedragen voor het R.I.S.H. De hond wordt dan a.h.w. 'stamvader' van een nieuwe lijn.

Om ingeschreven te kunnen worden in L.O.S.H., A.L.S.H. of R.I.S.H., moet de hond bovendien getatoeëerd zijn volgens de voorschriften
van de K.M.S.H.


KONINKLIJKE MAATSCHAPPIJ SINT-HUBERTUS v.z.w.

A. Giraudlaan 98, 1030 BRUSSEL - Tel. 02/245.48.40 - fax : 02/245.87.90
www.kmsh.be of www.srsh.be


Met de jaren groeide er enige onvrede bij de clubs die bij de Maatschappij waren aangesloten. Zij wensten inspraak in de organisatie en leiding van de Belgische kynologie zonder te breken met de moedermaatschappij en verenigden zich. Uit het "Verdrag van 1 januari 1908" (herzien in 1928) ontstond de Kynologische Unie Sint-Hubertus.

Het bestuur van de Belgische kynologie is nu in handen van één organisme dat bestaat uit de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus en de andere aangesloten maatschappijen en clubs, verenigd in de Vergadering der Afgevaardigden. Samen vormen zij de Kynologische Unie Sint-Hubertus, die in 1978, bij de viering van het vijftigjarig bestaan eveneens "Koninklijk" werd.

Hoewel de K.M.S.H. eigenlijk gewoon aangesloten is bij de K.U.S.H., net als elke andere vereniging of club, heeft zij wel een aantal voorrechten behouden. Zo heeft de Koninklijke Maatschappij bijvoorbeeld de L.O.S.H. en de A.L.S.H. in eigendom, maar stelt ze die ter beschikking van de Koninklijke Unie, die voor de reglementering zorgt. Het beheer ervan is dan weer een zaak van de Koninklijke Maatschappij, net al de administratie en de vertegenwoordiging van de Unie naar buiten uit.

En verder is de regeling, het bestuur en de controle over de windhondenrennen exclusief toegewezen aan de K.M.S.H.


KONINKLIJKE KYNOLOGISCHE UNIE SINT HUBERTUS

Vergadering der Afgevaardigden (vzw VdA-AdD asbl)
www.kkush.be

+ Kynologische Raad (KR)

Algemeen secretaris vzw VdA-AdD asbl : : Joël VANLERBERGHE, Processieweg 13 - 8810 LICHTERVELDE.
Tel.: 051/72.40.59. - fax: 051/72.63.17.

De bevoegdheid in de Belgische kynologie behoort aan twee lichamen: de Vergadering der Afgevaardigden (beter bekend onder zijn Franse afkorting A.d.D. = Assemblée des Délégués) en de Kynologische Raad van de Koninklijke Unie Sint-Hubertus.

De Vergadering der Afgevaardigden verenigt de aangesloten clubs en maatschappijen en behandelt alle kwesties die de hondensport in België; kunnen bevorderen en de algemene inrichting ervan kunnen regelen. Elke aangesloten vereniging stuurt één afgevaardigde en één plaatsvervanger. De A.d.D. heeft een bestuur, bestaande uit 12 afgevaardigden, die uit hun midden een voorzitter, twee ondervoorzitters, een algemeen secretaris en een secretaris-schatbewaarder kiezen. Samen vormen zij het dagelijks bestuur.

De Vergadering draagt haar macht in bepaalde gevallen over aan 'secties'. Momenteel zijn er tien *, elk bevoegd voor fok en gebruik van een bepaalde groep hondenrassen en/of voor de diverse hondensporttakken. Er kunnen in de schoot van de Vergadering ook 'commissies' worden gevormd die een welomschreven opdracht hebben. Zo is er een commissie gelast met de identificatie van de honden en het kampioenschap, een met de kwalificering van de keurmeesters, enz... Volgens de noodzakelijkheid kunnen nog andere commissies worden gevormd.

Naast de Vergadering der Afgevaardigden bestaat er in de schoot van de K.U.S.H. ook een "Kynologische Raad". Die is bevoegd voor de algemene reglementering en de regeling van geschillen in de Belgische kynologie. Voor de regeling van geschillen in eerste aanleg bestaat er, in de schoot van de Kynologische Raad, een Tuchtraad, die samengesteld is uit 4 leden (2 benoemd door de Koninklijke Maatschappij en 2 benoemd door de Vergadering der Afgevaardigden). De Kynologische Raad is samengesteld uit 14 leden: de voorzitters en algemeen secretarissen van de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus en van de Vergadering der Afgevaardigden, en 5 leden benoemd door zowel het bestuur van de A.d.D. en de Koninklijke Maatschappij. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door de voorzitter en de secretaris.

De Vergadering der Afgevaardigden en de Kynologische Raad bezitten dezelfde bevoegdheid en hetzelfde recht van initiatief. Geen enkel reglement van algemene orde zal in voege treden zonder gestemd te zijn door deze twee lichamen. Zij vormen om zo te zeggen de Kamer en de Senaat van de Belgische hondensport. Zij hebben het gezag over ruim 350 clubs: speciaalclubs, africhtingsclubs, provinciale kynologische verenigingen, speurdersclubs, hondenscholen, enz..., die alles samen zowat 65.000 leden tellen.


* SECTIES VAN DE vzw VdA-AdD asbl

Sectie 1A : Fok van waak- en verdedigingshonden
Secretaris : Daniel THIBAUT, Av. De Smet de Nayer 2/24, 5000 NAMUR; Tel+fax: 081/41.47.01 -

Sectie 1B : Gebruik van waak- en verdedigingshonden (Belgisch Programma)
Secretaris : F. SEYNHAEVE, Voskensstraat 67, 8930 MENEN, Tel 056/51.06.98
Adjunct-Secretaris : T. SION, Rue Bazile 6, 4670 BLEGNY; Tel. 04/387.58.08

Sectie 1C : Speur- en gebruikshonden.
Secretaris : A. VAN DEN BOSCH, Hertendreef 6, 2990 WUUSTWEZEL; Tel. + Fax: 03/321.61.50

Sectie 1D : Gebruik van waak- en verdedigingshonden (Mondioring)
Secretaris : M. DE BUCK, Louis Cloquetstraat 14, 9000 GENT; Tel 09/228.92.53

Sectie 2 : Fok en gebruik van jachthonden
Secretaris : F. DENAYER, Rue d'Ecaussinnes 55 - 7062 NAAST (Soignies). Tel/fax: 067/49.17.45.

Sectie 3 : Fok van gezelschapshonden.
Secretaris : Mr. DE GROOTE André, Stropstraat 53, 9000 GENT, tel. 09/221.55.98.

Sectie 4A : Tentoonstellingen
Secretaris : W. VAN DEN BROECK, De Dalen 40, 2275 WECHELDERZANDE, tel. + fax : 03/312.20.82

Sectie 4B : Gehoorzaamheidsprogramma voor alle honden
Secretaris : J. VANLERBERGHE, Processieweg 13, 8810 LICHTERVELDE, Tel 051/72.40.59

Sectie 4C: Agility programma voor alle honden
Secretaris: Rony GILISEN, Kriekelstraat 62, 3520 ZONHOVEN; Tel.011/ 82.54.94 - Fax:011/ 82.54.94 -

Sectie 5: Diverse disciplines (Schapendrijven - Flyball - Dog Dancing - Show Handling en
Show Training - Wandelingen - Mushing - Canicross)
Secretaris: Roger DICTUS, Lage Kaart 415, 2930 BRASSCHAAT; Tel.03/651.30.37


Commissie der Windhondenrennen (toegewezen aan de K.M.S.H.)
Secretaris: de Heer Henk HENDRICKS, St Hubertusplein 14, 3290 SCHAFFEN; Tel.: 0495/ 13.41.16

vrijdag 29 augustus 2014

Lhasa Apso foklijnen


Door tijd is er heel wat verwarring geweest over de termen "full of Straight Hamilton", "Tibetaanse lijnen" en de lijnen met "de Shih Tzu invloed". Hieronder volgt een uitleg.

Full Hamilton


De Full Hamilton of Straight Hamilton lijnen ontstonden toen Suydham Cutting (Hamilton kennel in de Verenigde Staten) naar Tibet ging en de 13e Dalai Lama ontmoette. Zij wisselden geschenken uit en uiteindelijk kregen de Cuttings 8 Lhasa Apso's van de Dalai Lama. Daarna importeerden de Cuttings 2 Lhasa Apso teven uit Shanghai, China. De namen van al deze Lhasa Apso's zijn:

  • Hamilton Bidgy (teef, Tibet)
  • Hamilton Tsingtu (teef, Tibet)
  • Pehma (teef, Tibet)
  • Hamilton Chusul (reu, Tibet)
  • Hamilton Sarong (reu, Tibet)
  • Tundu (reu, Tibet)
  • Hamilton Tsaring (reu, Tibet)
  • Le (reu, Tibet)
  • Shanghai (teef, Shanghai)
  • Lhassa (teef, Shanghai)

Shanghai was eigendom van Mrs EJ Barber, en Lhassa was eigendom van Mr H Catlin. Beiden kregen nestjes puppies in de Hamilton kennel dus aannemelijk is dat de Cuttings deze teven leenden voor hun fokprogramma. Niet alle van bovengenoemde Lhasa Apso's werden gebruikt voor de fokkerij; Pehma heeft nooit een nestje pups gehad. Tsingtu heeft maar één nestje gehad wat teruggevonden kan worden in het Amerikaanse stamboek, en met geen van haar pups is ooit gefokt.


Tibetaanse lijnen


Er zijn verschillende lijnen welke in de Tibetaanse categorie vallen. De Tibetaanse lijnen zijn voortgekomen uit Lhasa Apso's welke geïmporteerd werden vanuit de Himalaya's en welke alleen gebruikt werden in combinatie met Lhasa's van Tibetaanse kom af. De Engelsen importeerden ook Lhasa's vanuit Tibet en Nepal. Deze vallen onder de noemer Tibetaans, maar zijn niet Full of Straight Hamilton. Hieronder volgen de namen van de eerste bekende importen.


Gloria Fowler (Everglo Kennel in de Verenigde Staten) importeerde Cotsvale Meeru (reu) vanuit Engeland welke afstamt van Tibetaanse importen.
Mrs. Albertram McFadden (Lui Gi kennel in de Verenigde Staten) importeerde Chumpa of Furzyhurst (reu) vanuit Engeland, welke ook afstamt van Tibetaanse importen.

Veel later importeerden een aantal fokkers Lhasa Apso's vanuit de Himalaya's om de genetische basis te verbreden. Hier volgt een overzicht:

Gerald D'aoust (Dharmapala Kennel in Canada) kreeg Lhasa Apso's toen hij een pelgrimstocht naar Nepal en India maakte. Gerald kreeg deze Lhasa's van Lama Gyan Yeshe. Deze mooie Lhasa's zijn zeer rastypisch en vertonen een enorme gelijkenis met de Lhasa Apso's van de Whigham Kennel in India.
Mumta Khanna (Whigham kennel in India), welke in juni 2000 overleed, erfde haar Lhasa's van haar ouders en oom. Haar vader en oom maakten deel uit van het leger van India wat assisteerde bij de vlucht van de verbannen Dalai Lama naar India. Beiden kregen een koppeltje Lhasa Apso's. Deze Lhasa's vormen de basis van de Whigham kennel.
Kerstin Handrich en Gertie Bracksieck (Traschi Deleg Kennel in Duitsland) lukte het om een teef te importeren na een reis naar de Himalaya's.
Inge Panitz (Zwitserland) kreeg een Lhasa kado van de Koninklijke familie van Bhutan. Later, importeerde zij samen met Gerrti Bracksieck nog een Lhasa Apso vanuit Bhutan.

De Shih Tzu invloed

Halfweg de jaren 50 stuurden Engelse fokkers 7 Shih Tzu's naar de Verenigde Staten welke door de American Kennel Cub als Lhasa Apso's ingeschreven werden in het stamboek. Later ontdekte men dat deze honden Shih Tzu's waren. Omdat deze honden al ingezet waren voor de fokkerij werd besloten het hierbij te laten, maar latere Shih Tzu importen werden niet meer geregistreerd als Lhasa Apso's. In de stambomen van een Full/Straight Hamilton of Tibetaanse lijn zul je deze 7 honden nimmer aantreffen. De Lhasa Apso's waarbij we één of meerdere van deze 7 honden in hun stamboom aantreffen hebben de zogenaamde Shih Tzu invloed. De geïmporteerde Engelse Shih Tzu's zijn:

  • Mai-Ling of Boyden (teef)
  • Fardale Fu Ssi (teef)
  • Yay Sih of Shebo (teef)
  • Linyi of Lhakang (teef)
  • Lindi Lu of Lhakang (teef)
  • Wuffy of The Mynd (teef)
  • Kota Tang (teef)

De Lhasa Apso



De Lhasa Apso is een klein (25-28 cm) langharig ras, dat zijn oorsprong vond in het mysterieuze Tibet. Ondanks dat het een onbekend ras is, is het een van 's werelds oudste rassen. Het werd gefokt door de Boedistische monikken, die het ras beschermend binnen hun kloosters hielden. Het had verschillende functies: als gezelschap, als waakhond (de Lhasa Apso bezit een uitermate goed gehoor), als geluksbrenger en ze werden zelfs beschouwd als de reincarnatie van gestorven monikken.

De Lhasa heeft een typisch oosters karakter, als de Tibetaanse bevolking zelf: afstandelijk voor vreemden, trots, vol humor en zelfs wat arrogant.

Hun lange beharing was een prima bescherming tegen het barre Tibetaanse klimaat. Nog steeds kunnen ze enorm goed tegen extreme temperatuurswisselingen, hun vacht beschermt hen tegen kou zowel als warmte. Ondanks hun enorme vacht, die als een ware mantel de gehele hond bedekt, verhaart de Lhasa zogoed als niet. Eventuele losse en dode haren worden door de wekelijkste borstelbeurt verwijderd. Een Lhasa die als huishond wordt gehouden zal zelden de vacht ontwikkelen die bij "show-exemplaren" wordt aangetroffen. Een hond in "show-conditie" krijgen vereist speciale verzorging en bescherming. Als huishond zal hij een wat meer "natural-look" hebben, waarbij hij toch de bewondering zal opwekken. Ze hebben de meest uiteenlopende kleuren van zwart tot wit en alles wat er tussen zit - rood, blond, bont, enz. Omdat de vacht het ene jaar wat donkerder dan het andere jaar kan zijn, worden ze wel de kameleons onder de honden genoemd.

De Lhasa is een vrolijke, zelfbewuste en zeer sportieve hond. Ze kunnen ondanks hun grootte lange wandelingen maken en zijn tot op hoge leeftijd zeer speels. Het zijn geen blaffers, maar ze waken goed. Ze hebben een uitermate goede mensenkennis en kunnen goed opschieten met kinderen, maar ze laten echter niet met zich sollen. Een Lhasa leert, ondanks zijn eigenzinnigheid snel, maar drillen is er niet bij, dat zal hooguit averechts werken. Een Lhasa doet iets uit respect voor zijn baas, en anders niet. Het is zeker geen allemanshond.

Door hun speciale karakter en vachverzorging zal niet iedereen zich aangesproken voelen. Degenen die weloverwogen voor een Lhasa gekozen hebben zullen beamen: Eens een Lhasa, altijd een Lhasa!